Müllers Nobelprijs

DE NOBELPRIJS VAN KARL ALEX MÜLLER

De tak van de natuurkunde die het meest met meetkundige figuren is verbonden wordt vaste stof fysica of de natuurkunde van gecondenseerde materie genoemd. Theoretisch fysicus Wolfgang Pauli heeft met zijn visie op paramagnetisme in 1927 een belangrijke bijdrage aan de vaste stof fysica geleverd, maar zich verder niet meer met dit vakgebied bemoeid, hoewel zijn laatste assistent en latere biograaf, Charles P. Enz, uitgerekend op dit gebied werkzaam was. Indirect heeft Pauli later toch een grote invloed op de vaste stof fysica uitgeoefend. Een van zijn studenten aan de ETH Zürich was Karl Alex Müller. Deze werd in 1927 in Bazel geboren en sloot zijn natuurkundestudie aan de ETH in 1952 af. Vier semesters lang had hij de colleges theoretische fysica van Pauli bijgewoond en was hij onder de indruk van diens persoonlijkheid gekomen. Juist in 1952 verscheen de verzamelband Naturerklärung und Psyche met een bijdrage van de dieptepsycholoog Carl Gustav Jung over het zinvolle toeval (synchroniciteit) en een studie van Pauli naar archetypische motieven in het werk van de astronoom Johannes Kepler en de arts en alchemist Robert Fludd.

Pauli’s zoektocht

INNERLIJK BEELD EN UITERLIJKE GEBEURTENIS

Honderd jaar terug op 25 april werd Wolfgang Pauli geboren. Hij werd wereldberoemd als theoretisch fysicus. Maar hij had ook een mystieke kant. In 1952 publiceerde Carl Gustav Jung in samenspraak met Pauli zijn baanbrekende essay over synchroniciteit. Volgens dit principe kunnen innerlijke beelden zinvol samenvallen met uiterlijke gebeurtenissen. Wat gaat er schuil achter dit zinvolle toeval? De schriftelijke nalatenschap van Pauli geeft het antwoord.

De drie fasen van het alchemistische transformatieproces

**

Psychologie en alchemie

Omdat er vier elementen en vier naturen zijn, waren er oorspronkelijk ook vier kleurfasen. Maar Jung merkt in Psychologie und Alchemie op: ‘In de vijftiende en zestiende eeuw worden de kleuren tot drie teruggebracht, waarbij het geelworden, ook ‘critinitas’ genaamd, geleidelijk komt te vervallen, of nog zelden genoemd wordt… Terwijl de oorspronkelijke tetramerie een nauwkeurige afspiegeling van de quaterniteit der elementen was, wordt thans vaak opgemerkt dat er vier elementen (aarde, water, lucht, vuur) en vier eigenschappen (warm – koud – vochtig – droog) zijn, maar daarentegen slechts drie kleuren: zwart, wit en rood. Aangezien het proces nooit tot het gewenste doel heeft geleid, en ook in zijn afzonderlijke fases nooit volgens de regels werd uitgevoerd, kan de verandering van de indeling van de fases ook niet door uiterlijke redenen verklaard worden. Het heeft meer te maken met de symbolische betekenis van de quaterniteit, dus met innerlijke, psychische redenen.’ (Verlossing in de alchemie, pp. 9-11)

Die Zauberflöte

Na de Egyptisch-Griekse alchemie krijg je de Arabische alchemie die het huwelijk van de zon en de maan aan de alchemistische symboliek toevoegt. De grootste en meest invloedrijke onder de Arabische alchemisten was Jabir ibn Hayan (Latijn: Geber). Deze werkte de vier naturentheorie (het droge, het warme, het vochtige, het koude) van Aristoteles verder uit. Hij stelde dat droogte en warmte het mannelijke zwavel der wijzen en dat vochtigheid en koude het vrouwelijke kwik der wijzen voortbrengen. (Seyyed Hossein Nasr, Islamic Science, pp. 19495) De zeven metalen zijn volgens hem het resultaat van het huwelijk van zwavel en kwik in verschillende proporties en onder verschillende astrologische invloeden. Alle metalen zijn wat hun grondstoffen betreft aan elkaar gelijk. Zij groeien in de aarde naar vervolmaking, van lood via zilver naar goud.